Coming Soon
verder verwacht
How To Train Your Dragon: Interview met Jay Baruchel, Gerard Butler, Jonah Hill
Vikingen en vliegende vlammenwerpers: avontuur genoeg in How to Train Your Dragon. We leggen de cast het vuur aan de schenen over hun stemmenwerk.
GERARD BUTLER = Bonkige vikingleider Stoick
Wat was je reactie toen je zag hoe je personage eruitziet in de film?
„Ik had de tekeningen al gezien voordat ik de rol had aangenomen. Maar het was interessant om mijn personage bewegend en wel terug te zien in de film. Fascinerend ook om al m’n tics en kleine bewegingen in hem te herkennen. Er loopt altijd een camera mee tijdens het opnemen van de teksten en m’n animator heeft daar duidelijk goed naar gekeken. Ik heb een zenuwtrekje aan m’n ogen, waar ik een enorme hekel aan heb. En ook dat zie je terug in de film. Ik hoop wel dat het nog even duurt voordat ik er fysiek
ook zo uitzie als die bonkige viking.”
JONAH HILL = Brallerige vikingpuber Snotlout
Bestaat je voorbereiding bij een animatiefilm alleen uit je teksten leren, of komt er meer bij kijken?
„Ik heb me een beetje verdiept in de vikingcultuur. Dat leek me wel goed, aangezien ik een viking speel. Het lastigste voor mij was dat ik na al mijn vorige films gewend ben om veel te improviseren. Bij deze film krijg je aan het begin van de dag te zien welke scènes je moet doen, zonder dat je weet waar ze in het verhaal passen of hoe ze precies aflopen. Dat maakt het moeilijker om losjes met je teksten om te springen, omdat je niet weet wat de volgende scène is. Maar ik heb gedaan wat ik kon binnen die grenzen. Ik was blij toen ik zag hoe het heeft uitgepakt in de film.”
JAY BARUCHEL = Klunzige drakentemmer Hiccup
Beviel het je een beetje, zo’n animatiefilm inspreken?
„Het was een heerlijke klus. De mensen die me ingehuurd hadden, waren ongelofelijk: zo aardig waren ze voor me. Als ik kwam werken, stonden er hamburgers voor me klaar en ik kon gewoon m’n pyjamabroek aanhouden! Ik vond het ook geweldig om mee te werken aan een film die je fantasie prikkelt, en voor kids misschien wel net zoveel gaat betekenen als de films die mij vroeger hebben beïnvloed. En hij is net zo goed geworden als ik gehoopt had. Ik huil niet snel, maar ik hield het aan het eind niet droog.”
Kon je veel van jezelf kwijt in je personage?
„Nou en of, Hiccup en ik zijn voor 98,5% hetzelfde. Ik had zeeën van levenservaring om op terug te vallen. Mijn vader wilde niks liever dan dat ik ijshockeyer zou worden, maar die hoop vervloog al heel snel. Als we eens gingen honkballen in de achtertuin, deed ik altijd alsof ik geblesseerd raakte, zodat ik weer snel naar binnen kon om tekenfilms te kijken of te tekenen. Hiccup heeft ook te kampen met verkeerde verwachtingen van z’n vader. En ik weet hoe het is om van alles in je mars te hebben, maar je in een situatie te bevinden waarin die kennis compleet irrelevant is. Daar gaat de film over in mijn beleving: eigenschappen hebben die je zijn aangepraat als zwakheden, die later juist je kracht blijken te zijn.”
Veronica Magazine nr. 13 – (KK)
|
|



